Elke Wisseborn over wetenschappelijk onderzoek

Elke is Homeopaat, Energetisch Therapeut en Kindertolk en ze is tevens afgestudeerd als Milieu- en Gezondheidsingenieur.

Ze heeft haar praktijk in Zeist en werkt daarnaast als (freelance) redacteur en docent informatie- en wetenschappelijke vaardigheden voor complementaire en alternatieve therapeuten.

In onze opleiding Medische en Psychosociale Basiskennis geeft ze les 11: Evidence Based Medicine.

Wat leren de studenten in jouw les?

“In mijn les gaan de studenten op een interactieve manier aan de slag met wetenschappelijk onderzoek en ze leren daarbij verschillende aspecten, zoals: Wat is wetenschap eigenlijk? Hoe gaan we er mee om? Waar kunnen wij als CAM therapeuten goed onderzoek vinden? Hoe zoek je en vooral: hoe beoordeel je of een studie kwalitatief hoogwaardig is of niet?”

“Daarnaast leren de studenten ook hoe ze gericht kunnen zoeken in PubMed. Dat kan heel specifiek op bepaalde trefwoorden om relevante informatie te vinden, maar kan juist ook in de breedte. Ze leren hoe ze goed kunnen verwijzen naar geraadpleegde artikelen, mede om plagiaat te voorkomen, en hoe ze beknopt kunnen samenvatten. Hierdoor ontwikkelen ze tevens vaardigheden in wetenschappelijk schrijven. Uiteraard is het onmogelijk om deze vaardigheden in slechts 1 lesdag onder de knie te krijgen, maar door actief te oefenen in de les en samen te werken, doen ze al wat kennis en ervaring op.”

“Maar het allerbelangrijkste dat de studenten in mijn les oppikken, is de aanzet tot het ontwikkelen van een kritisch denkvermogen. Het vermogen om kritisch na te denken over alle informatie die tot ons komt, ongeacht of het uit een onderzoek, de krant, internet of gesprekken komt. Ze leren zich bewust te zijn van het feit dat informatie niet neutraal is. Bij wetenschappelijk onderzoek spelen daarbij verschillende aspecten een rol: Hoe wordt een onderzoek gestart, met welke vraag? In welke context vindt de studie plaats en vooral: vanuit welke financieringsbronnen? Bovendien hebben we allemaal zelf een filter die beïnvloedt hoe we de werkelijkheid ervaren en gedeeltelijk bepaalt hoe we informatie verwerken. Deze filter bepaalt ook welke informatie we onthouden en welke we vergeten.”

Leren studenten in jouw les hoe ze hun filter laten zakken of leren ze zich bewust te zijn van het feit dat ze een filter hebben en dat ze daardoor informatie misschien anders interpreteren dan een ander?

“Dat laatste! Het is essentieel om je bewust te zijn van de ‘bias’, het filter dat zorgt voor een vertekend of gekleurd beeld. Het bewustzijn dat onze eigen blik ook gekleurd is, stelt ons in staat om vérder te kijken en om ons te realiseren dat er nog meer is dan hetgeen we nu waarnemen. We hebben allemaal een gekleurde blik, inclusief ikzelf, en dat is helemaal niet erg. We zijn immers ook gewoon mens en we kunnen niet de hele olifant waarnemen, alleen een deel ervan, zoals een stuk van de slurf of van de staart of welk ander deel dan ook. Het allerbelangrijkste vind ik de bewustwording hiervan.”

“Deze ‘bias’ zie je ook bij onderzoeken want onderzoeken moeten uiteraard gefinancierd worden. Bijvoorbeeld: een producent van homeopathische middelen kan een onderzoek financieren en of een producent van reguliere medicatie. Dat kan een rol spelen bij de conclusies van een onderzoek. Ook universiteiten worden (deels) gefinancierd door bedrijven. Als het goed is, handelen zij zo objectief mogelijk, maar in alle onderzoek geldt ook de zogenaamde “publicatie bias”. Dat betekent als een onderzoek een positief effect laat zien, bijvoorbeeld dat een bepaald middel effectief is, dan wordt dat eerder gepubliceerd dan wanneer het neutraal of negatief is. Dus het feit dat het überhaupt gepubliceerd wordt, ís al resultaat van een “gekleurde bril”. Dus dat betekent dat je veel minder kan vinden over middelen die NIET werken, dan over middelen die WEL werken. Het is een menselijke neiging om je ‘mislukkingen’ niet te delen.”

Hoe ga je met de studenten aan het werk tijdens je les om dit allemaal over te brengen? Is je les voornamelijk theoretisch of juist meer praktisch?

“Studenten gaan vooral zelf aan de slag met praktische oefeningen en opdrachten waarbij ze o.m. dingen gaan opzoeken op internet. Een opdracht kan bijvoorbeeld zijn: bezoek de website van een beroepsvereniging waarvan je lid wilt worden en kijk eens of zij doorverwijzen naar medische databases. En zo ja, hoe gebeurt dat dan? Welke conclusie kan je daaruit trekken? Naast leren zoeken gaan ze ook aan de slag met het formuleren van een klinische vraag: wat is een vraag die je zou kunnen onderzoeken?”

Wat voor soort vragen zijn dat?

“Studenten mogen tijdens dit leerproces daarvoor hun eigen case aandragen. Bijvoorbeeld: stel er is een groep kinderen met ADHD en je wilt onderzoeken of mindfulness helpt bij het verbeteren van hun concentratie. De ene helft krijgt de gebruikelijke aanpak terwijl de andere helft mindfulness training krijgt. Na 3 maanden meet je de verbetering in concentratie. Dit is een voorbeeld van een klinische vraag, waarbij je dus een ‘ingreep’ vergelijkt met de ‘standaard benadering’. Je neemt hierbij een specifieke groep of een bepaald probleem en je wilt weten wat het resultaat is. Belangrijk hierbij is vooral hoe je de vraagstelling formuleert, zodat deze werkelijk geschikt is voor het doen van onderzoek. Daar besteed ik veel aandacht aan in mijn les.”

Is jouw les in de opleiding Medische en PsychoSociale Basiskennis ook interessant voor iemand die geen therapeut is?

“Absoluut! Deze mensen heb ik vaker in mijn les. Wetenschappelijke vaardigheden zijn veel breder inzetbaar dan enkel voor therapeuten. Het is ook waardevol voor bijvoorbeeld journalisten, beleidsmakers op het gebied van gezondheid of voor iemand die bij een beroepsvereniging werkt. Het vermogen om informatie op een gedegen manier te zoeken kan heel waardevol zijn.”

Tot slot, welke tip heb jij vanuit jouw expertise als homeopaat en docent voor de gemiddelde Nederlander voor een gezond leven in balans:
  • Geniet van de kleine dingen. Als je daarnaast het vermogen hebt om oprecht blij te zijn voor anderen, voor hun successen en leuke ervaringen, dan ben je zelf altijd blij.
  • In Nederland heeft bijna iedereen een vitamine D tekort. Vitamine D is belangrijk voor meer dan 300 processen in het lichaam en speelt o.m. een rol bij mentale gezondheid, botdichtheid, hartproblemen en spieren. Zorg dus voor voldoende inname van vitamine D, dat je overigens moet innemen met iets van olie of vet omdat deze vet oplosbaar is.
  • Doe iets wat je leuk vindt, ook qua werk. Denk bij werk niet altijd meteen aan ‘ik verzet arbeid en daar word ik voor betaald’. Als je iets doet waar je vreugde en voldoening uit haalt, dan betaalt zich dat altijd terug en dat kan dat ook heel goed leiden tot inkomen. Als we echt allemaal zouden doen waar we hiervoor op aarde zijn, dan zou er voor iedereen werk zijn. En veel meer geluk bovendien. 🙂
Hoe vond je dit artikel? Alvast bedankt voor het delen!
Facebook
LinkedIn
WhatsApp
Email

“Een boek over minnaarschap; omdat de wereld jouw liefde nodig heeft”